Stanislas Graff staat aan het hoofd van een machtig zakenimperium, hij bewoont een kast van een huis in Parijs, en heeft een liefhebbende vrouw en twee dochters. Zijn levenstempo is jachtig en om de continue draaiende adrenalinemotor aan de gang te houden vult hij zijn dagelijkse bezigheden nog eens aan met nachtelijke gokavonturen en een trits minaressen. Dan wordt hij op een ochtend op brute wijze ontvoerd. Zijn ontvoerders zijn met velen en aarzelen niet om geweld te gebruiken. Ze snijden een vinger van hem af en sturen die naar de familie. Als die het losgeld van vijftig miljoen euro niet betalen zal een tweede lichaamsdeel volgen.

Het is regisseur Lucas Belvaux in deze thriller niet echt te doen om de machinaties rondom een ontvoering of om de technieken waarmee het onderzoeksteam werkt om de daders te pakken te krijgen. Graffs vrouw en zijn directiecollega’s weten weinig van zijn uitspattingen, of doen althans of dat niet zo belangrijk is. Maar als ze grote moeite blijken te hebben om het losgeld bij elkaar te krijgen omdat Graff zoveel van zijn privégeld verloren is, en als de media zich massaal op diens buitenechtelijke avontuurtjes storten, verandert dat. Dan blijkt dat Graffs positie wankel is, ondanks het vreselijke lot dan hem boven het hoofd hangt. Zijn vrouw blijft achter hem staan maar voor de rest blijkt ieders steun voor de industrieel ineens vloeibaar. Belvaux laat zien dat geld en zakelijke belangen boven alles gaan, al draait iedere betrokkene om die hete brij heen. Als pure thriller bereikt Rapt geen grote hoogten maar als portret van de psychologische machtsspelletjes rond een diepgevallen man doet de film dat wel.