Tijdens een treffende scène in L’ennemi intime steekt een gevangen FLN-strijder een sigaret op, maar doet dat aan beide zijden. Zijn bewaker is net als hij van Algerijnse afkomst en beiden hebben gevochten aan Franse kant tegen de Duitsers in WOII. Maar waar de een koos voor zijn roots bleef de ander bij zijn keuze voor Frankrijk. Omdat de FLN zijn hele familie heeft uitgemoord is hij daar des te zekerder over. ‘Dit ben jij’, zegt de gevangen strijder. ‘Welke kant je ook op gaat, je zal altijd verliezen. Je bent geen Algerijn meer en je zal nooit een Fransman worden.’ Toen de Algerijnse Onafhankelijkheidsoorlog eind jaren vijftig escaleerde stuurde Frankrijk massaal troepen naar hun overzeese grondgebied (zo zagen ze het land). Het Franse leger beschikte over vele Algerijnen die aan hun zijde vochten (Colons), wat een groot voordeel bleek tijdens gevechtsacties in het uitgestrekte land. Tegelijk gold voor elk van hen de metafoor van de sigaret: vroeg of laat zouden ze exploderen omdat hun positie onhoudbaar was.

In L’ennemi intime maken een verse luitenant en zijn compagnie, aan wie het fatalisme al een tijd knaagde, jacht op de leider van een lokale FLN-militie. De opstandelingen gebruiken wrede methoden om de plattelandsbewoners onder de duim te houden, maar de Fransen doen daar niet voor onder. De luitenant is vastbesloten daar niet aan mee te doen, maar hij vecht een hopeloze strijd. Dat hij door gaat draaien en zijn handen vies zal maken vormt een voorspelbaar element van de film. Ook is hij qua camerawerk en plotontwikkeling traditioneler dan Lebanon, die ook over de waanzin van oorlog gaat. Maar waar de film van Maoz moreel afstand houdt tot het conflict neemt L’ennemi intime duidelijk stelling en laat onomwonden zien tot welke gruwelijkheden ook een ‘beschaafd’ land bereid is als het gaat om het verdedigen van landsbelangen. Een goed gemaakte en moedige film die in eigen land echter weinig handen op elkaar kreeg. In de spiegel kijken blijft moeilijk, zelfs na 50 jaar.