Alexandra (Nina Ivanisin) leidt een dubbelleven: ze studeert in de Sloveense hoofdstad Ljubljana maar werkt er ook als callgirl. Ze heeft dit dubbelleven aardig onder controle en ze gaat berekenend om met haar studie-inspanningen en met haar klanten. Dan gaat er een klant dood, na een hartaanval door een overdosis Viagra, en vanaf dat moment neemt de druk op haar toe. Ze moet steeds meer ballen in de lucht houden en haar jongleeract lijkt kletterend uit elkaar te gaan vallen.

Slovenian Girl (de bijnaam die Alexandra krijgt in de kranten), van regisseur Damjan Kozole, speelt zich af ten tijde van het voorzitterschap van Slovenië van de Europese Unie. Alexandra werft haar klanten onder de buitenlandse gasten, maar af en toe duikt er ook een landgenoot op. De film zit vol met dit soort contrasten: de dubbelrol van studente en callgirl, Alexandra’s leven tegenover dat van onwetende vriendinnen, haar naïviteit als ze onder druk gezet wordt door een paar ‘beschermers’ of als ze een hypotheek afsluit bij de bank, de botsingen met haar alleenstaande vader, zijn onvoorwaardelijke liefde voor haar, en de (West-Europese) moderniteit van het stadsleven versus de (Oost-Europese) beschermde omgeving van Alexandra’s geboortedorp. Pa’s weliswaar aandoenlijke pogingen om zijn band weer bij elkaar te brengen leiden wat af van Alexandra’s lot, maar voor de rest weet Kozole goed het overzicht te houden in al die verhaallijnen. Zolang hij maar bij zijn heldin blijft, is Slovenian Girl een gelaagd maar ook gefocust beeld van de manier waarop het harde kapitalisme bezit heeft genomen van een land en zijn inwoners.