80 
Martha is zichzelf niet. Als ze haar zus belt vanuit een telefooncel weet ze niet waar ze is, ‘Upstate, i think‘, en als een bang vogeltje duikt ze weg voor menselijk contact. Vlak daarvoor is ze in alle vroegte de boerderij ontvlucht waar ze met een tiental andere vrouwen en een paar mannen blijkt te leven. In een parallelle montage vertelt de film vervolgens hoe het haar op die boerderij vergaan is, in de twee jaar daarvoor, en hoe ze tracht erbovenop te komen bij haar nette zus en hardwerkende zwager.

De namen uit de titel verwijzen naar Martha’s eigen naam, haar naam in de sekte waarin ze leeft (Marcy May) en de naam waarmee alle vrouwen de telefoon beantwoorden op de boerderij (Marlene). De leider van de beweging is Patrick. Met zijn zoetgevooisde stem en onnavolgbare logica palmt hij iedereen in en weet hij zijn volgers ervan te overtuigen dat zijn woord wet is. Dat hij de nieuwe vrouwen, ook Martha, verkracht is voor iedereen dan ook volstekt normaal. Het verzet van Martha wordt gebroken met een door andere vrouwen toegediende drug. In de tweede verhaallijn zie ik hoe Martha’s oudere zus Lucy haar opvangt in haar vakantiehuis. Lucy weet dat er wat mis is met Martha maar hoe erg het is beseft ze pas na een tijdje. Martha is het contact met de realiteit kwijtgeraakt en ze haalt ervaringen in het heden door elkaar met die van vroeger. De film laat dat ook zien, waardoor je ook als kijker lang niet altijd weet wat echt is of wat is gedroomd. Sterke film met uitstekend acteerwerk, vooral van Elizabeth Olsen en John Hawkes (bekend van oa Deadwood en Me and You and Everyone We Know)