60 
De opening van The Hobbit was prima, maar toen ik daarna anderhalf uur naar een groep dwergen, een niet geïnteresseerde Bilbo Baggins en een beminnelijk glimlachende Gandalf had gekeken stond ik bijna op het punt de zaal uit te lopen. ‘Gaat er nou nog wat gebeuren?’ De 3D-bril hielp ook niet echt. Voor mij geldt dat ik vooral afgeleid word door de techniek en niet in het verhaal getrokken, wat toch wel de bedoeling is. Gelukkig kwam het later toch nog goed. Grotendeels dan.

Het grootste probleem van dit eerste deel van de beoogde trilogie is dat het lastig meeleven is met een groep irritante dwergen en een leider die juist te serieus is. De queeste van de groep wordt in de opening wel mooi geïntroduceerd maar daarna lijkt The Hobbit, An Unexpected Journey vooral op een mislukte remake van The Fellowship of the Ring. In alles is te merken dat het besluit om het boek van 250 bladzijden uit te smeren over 3 films op Peter Jackson en zijn team drukte. Veel scènes doen overbodig of veel te lang aan, ondanks de vele gevechten en achtervolgingen. Als Bilbo en de dwergen achtervolgd worden door Orks en die op hun beurt afgeleid worden door een stonede wizard op een door konijnen voortgetrokken arreslee wordt het bijna potsierlijk.

Dat neemt niet weg dat er een aantal schitterende (zij het opnieuw weer te lange) actiescènes in de film zitten en dat Jackson weer tovert met CGI en motion capture (vooral Gollum). Er blijven dan ook nog genoeg redenen over om toch uit te zien naar delen 2 en 3. An Unexpected Journey is op z’n sterkst in de scènes waarin Bilbo er alleen voor staat en zich afvraagt waar hij aan begonnen is. Martin Freeman is perfect gecast in die twijfelende rol. Zijn hobbit is tien keer interessanter dan Frodo en Sam. En in Bilbo’s ontmoeting en raadselduel met Gollum overtreft Jackson zelfs de magie van zijn LOTR trilogie.