60 Nu zit ik verdorie toch weer te kijken naar Stieg Larsson productie. Ik vond het eerste boek maar zozo, vandaar dat ik de andere twee heb laten zitten. Zijn stijl spreekt me gewoon niet aan, al kan ie wel een mooi plot neerzetten. De Zweedse verfilming van dat boek was wel aardig, maar voor de delen twee en drie geldt dat niet. Ik heb ze gekeken zodat ik toch weet hoe het nu allemaal zit met die boze Lisbeth Salander. Ik was wel een beetje klaar met Stieg.

Maar ja, dan geeft David Fincher er zijn visie op en dan wordt ik toch weer nieuwsgierig. Het eindresultaat valt me zowel mee als tegen. Mee omdat deze film de touch van Fincher bezit. Het ziet er allemaal heel strak uit en ook het acteerwerk is op niveau. Yorick van Wageningen met name, die een geloofwaardiger advocaat neerzet als zijn eenzijdig wrede Zweedse tegenhanger. En ik wordt toch weer meegesleept, ondanks dat ik precies weet wat er gaat gebeuren. Dat is knap.

Tegen om een aantal redenenen: waarom speelt dit zich af in Zweden en wordt er Engels gesproken? Het komt erg vreemd over en dit plot had prima vertaald kunnen worden naar een Britse of Amerikaanse setting. En wederom is mij niet helemaal duidelijk waarom Lisbeth Salander zo’n interessant personage is. Een hacker met tatoeages, die fastfood eet, erg intelligent is en niet in staat tot menselijke interactie en emoties. Een karikatuur wat mij betreft. Fincher probeert dat op te lossen door haar affectie te laten tonen voor Blomkvist, maar dat werkt eerder averechts. En ondanks dat de film 2,5 uur duurt doen veel scenes en plotontwikkelingen, vooral in het begin, erg gehaast aan. Je krijgt als kijker nauwelijks tijd om ze te verwerken, want hup, je zit al weer in de volgende.

Als ik moest kiezen ga ik toch voor de eerste verfilming, ondanks Finchers vakmanschap en bravoure. Die film voelt urgenter, echter.