Twee mannen in een vuurtoren op een afgelegen eilandje, dat moet wel misgaan. Een volbloed horrorfilm is dit zeker niet, maar dat was het debuut van Robert Eggers ook niet. In The Witch draaide het om religieuze intolerantie en hekserij in de desolate leegte van het 17e eeuwse New England. Hier gaat het opnieuw om een conflict, op een locatie die nog desolater aanvoelt.

De vuurtoren is een baken van hoop maar voelt voor Thomas Wake (Willem Dafoe) en Ephraim Winslow (Robert Pattinson) eerder als een gevangeniscel. Een cel waarvan de bovenste verdieping, die met de lamp, alleen toegankelijk is voor de ervaren rot Wake. Winslow moet wachten op zijn tijd. Als hij dat tenminste redt en niet voor die tijd al volledig door draait. Claustrofobisch en beklemmend deze film, niet alleen door het camerawerk, de vierkante kadrering en het zwart-witte beeld. Eggers strooit met verwijzingen naar Carl Jung, Sigmund Freud en mythologische figuren uit de maritieme geschiedenis. Het is een genot om naar de acteurs te kijken die volledig los gaan met de archaïsche zinnen. Vooral Dafoe lijkt het enorm naar z’n te hebben in deze bizarre ambiance