60 Ik ga mezelf de komende tijd op een serie Bondfilms trakteren (al is dat misschien niet altijd het juiste woord), in aanloop naar Skyfall. Dit is de eerste. De laatste keer dat Sean Connery de rol zou vertolken (zijn onofficiele terugkeer in Never Say Never Again niet meegerekend) is niet bepaald zijn beste. Gelokt door een enorm bedrag keerde hij terug, na eerder afgezegd te hebben voor On Her Majesty’s Secret Service. De plot rammelt aan alle kanten en het is aan Connery te danken dat het toch wel weer onderhoudend is.

Aan het begin doodt Bond zijn nemesis Blofeld, als wraak voor de moord op Bonds vrouw Tracy in OHMSS. Vervolgens neemt hij een opdracht aan om onderzoek te doen naar een internationale diamantensmokkel. Geleid door een excentrieke miljonair die zich heeft teruggetrokken in een penthouse bovenop een hotel in Las Vegas. Het verhaal leidt Bond naar Amsterdam en de gokstad in de woestijn, het huis van de miljonair (prachtig modernistisch ontwerp van John Lautner) en uiteindelijk naar een olieplatform. De passages in Amsterdam en Las Vegas zijn leuk, maar het wordt wel steeds moeilijker om te begrijpen wat er aan de hand is. Als Blofeld dan ineens terugkeert, hij heeft zichzelf gekloond of zoiets, loopt het gierend uit de bocht.

Met het artwork zit het overigens wel goed.